PIHTU IN MEXICO & GUATEMALA

donderdag, oktober 19, 2006

Cobán en terug naar huis

Uiteindelijk ben ik nog tot vrijdag 13 oktober in Guatemala gebleven... De dag van mijn verjaardag belde mijn vader met het nieuws dat ik waarschijnlijk naar Senegal mocht vertrekken in november, maar dat ik daarvoor mijn cv en sollicitatieformulier stante pede in het Frans moest indienen. Die ochtend en in het weekend heb ik een Frans bad genomen, zodat maandag alle documenten ter beschikking van de Belgische Technische Coöperatie waren. Dinsdag kreeg ik dan het verlossende antwoord: "Je bent aangenomen!"

Die dag zat ik echter niet in Guatemala City, maar vier uur daarvan verwijderd, in Cobán. Een druilerige stad, omringd door bossen, bergen en rivieren. Ik maakte al direct kennis met "chipi chipi", te vergelijken met de Belgische miezerige regen. Mijn Guatemalteekse mama belde me op toen ik juist aankwam, zij zou voor mij alles regelen en mijn ticket nog veranderen. Ik logeerde bij een vriendin van haar, Aïda, die op verschillende plaatsen in Guatemala een huisje heeft van waaruit ze haar handeltje in boeken en juwelen runt.

De volgende dag vertrok ik vroeg met zeven andere toeristen richting de watervallen en baden van Semuc Champey en de grotten van Lanquín. Na een trip naar een uitkijkpost konden we eindelijk in het water duiken om al het zweet van ons af te spoelen. Onder de baden loopt een woeste rivier, maar het water in de baden komt recht uit de bergen. Na 300 meter valt het bergwater in de rivier en die waterval zijn we tot de helft afgedaald om dan in een grottenstelsel terecht te komen. Een indringende geur, een kille wind en koude druppels op de huid... en vooral adrenaline van de afdaling!

Na Semuc Champey reden we door naar de grotten van Lanquín, waar de maya's nog steeds rituelen uitvoeren. Voor we de grot inkropen zagen we het licht van kaarsen aan de andere oever van de rivier. Eens wit, maar nu zwart door de rook die de maya's bij hun rituelen gebruiken, neemt de grot allerlei vormen aan. Van schildpadden en vrouwen tot haaien en olifanten, je treft er het hele universum aan.

Donderdag keerde ik terug naar Guatemala City, na een bustocht vol verrassingen. Eerst konden we niet vertrekken omdat misnoegde boeren de weg blokkeerden, twee uur nadien wél, maar toen hebben we nog geruime tijd in de file gestaan totdat de boeren de blokkade ophieven. Op zo'n moment zijn de tortilla's en frisdranken van de straatverkopers meer dan welkom...

zondag, oktober 08, 2006

Feliz cumpleaños

Maribel wou me in de taart duwen, maar ik geraakte er heelhuids vanaf...

vrijdag, oktober 06, 2006

Meren, vulkanen en Maya-rituelen

Vrijdagavond vertrok ik in de gietende regen richting Lago de Atitlán, in de reisgidsen dé natuurparel van Guatemala. In het donker en de regen merkte ik er weinig van en we doken dan maar direct in het beroemde Pana Rockcafé, waar ook Che Guevarra passeerde op zijn reis door Guatemala. De volgende dag genoot ik van Panajachel, waar de familie waarmee ik op uitstap was over een huisje beschikte (de man werkt voor de overheid en de overheid heeft daar een hotel voor functionarissen). Een stoffig dorpje waar veel toeristen zijn blijven hangen. Ik genoot daarom ook meer van San Pedro en Santiago, dorpjes die we zondag met een lancha (boot) bezochten en waar het normale leven zijn gangetje gaat en de meeste mensen nog in traditionele kledij rondlopen.

Zondagavond keerden we terug naar de grootstad en ben ik naar de voorstelling van het ballet in het Teatro Nacional geweest. Eindelijk zag ik eens dansen die ik in België nog niet had gezien, met kleurrijke outfits en maskers.

Maandag had het ballet een vrije dag en ben ik met Amadeo en Cezar naar Antigua geweest. Vóór Guatemala was Antigua de hoofdstad, maar de Spanjaarden besloten na een aardbeving Antigua in te ruilen voor Guatemala City. De aardbeving laat nog altijd zijn sporen na: verschillende kerken zijn niet gerestaureerd en staan temidden van kleurrijke huizen en koloniale pracht. De stad straalt rust uit en vormt voor de meeste toeristen dan ook een alternatief om de drukte van Guatemala City te vermijden. De nacht heb ik doorgebracht in Alotenango, een dorpje tussen drie vulkanen, in het huis van de ouders van Cezar. Dinsdag ben ik vroeg vertrokken naar Pacaya, een vulkaan die nog steeds actief is. We klommen over lava die twee tot vijf maanden oud was en nog steeds een sterke hitte uitstraalt. Op sommige plaatsen gloeide en gleed de lava naar beneden... Zeker de indrukwekkendste vulkaan die ik tot hiertoe gezien heb.

Dinsdagavond trad het ballet op in Pastores, een dorpje vlakbij Antigua, waar de bevolking zich uitleefde op de plaatselijke feria (kermis). Ook daar zag ik dansen met een duivel en een stier die ik nog niet gezien had.

De vulkaan had me uitgeput en woensdag nam ik rust om donderdag vroeg te vertrekken naar Chichicastenango, op drie uur rijden van Guate. De busrit was een avontuur totdat de bus stilviel 3 km voor Chichi. Niet moeilijk, door het tempo dat de chauffeur aanhield... Amadeo en ik brachten een bezoek aan de kerk, de markt en vervolgens beklommen we een heuvel om geconfronteerd te worden met Pascual Abaj, een stenen overblijfsel van de Maya's, waar ik zag hoe ze een levende kip offerden...


Momenteel zit ik volop in een procedure voor een job bij de Belgische overheid en is de kans groot dat ik mijn verblijf hier met een week verleng...

vrijdag, september 29, 2006

Guatemala City

Ondertussen zit ik in Guatemala City, een grote stad maar zeker niet zo groot als Mexico DF of Guadalajara. Bovendien is het op sommige plaatsen zo rustig dat ik me afvraag of ik wel in Latijns-Amerika zit...

Na acht uren woelige slaap op een volle bus, werd ik in Guatemala City afgehaald door Juanfer. Het drukke verkeer viel me direct op: in Guatemala beginnen ze vroeger te werken dan in Mexico! Ik woon in een rustige wijk vlakbij Zona 1, waar de kathedraal, het Palacio Nacional en de centrale mercado zijn. In die wijk oefent ook het ballet, in het prachtige koloniale postgebouw. De eerste dag heb ik vooral gerust en wat slaap ingehaald. Dinsdag ben ik met Juanfer naar een universitaire conferentie geweest, vermits hij werkt op een onderzoekscentrum. Ik vind het altijd prettig om de werksituatie van mijn vrienden van dichtbij mee te maken, vooral in een ander land levert dat leuke indrukken op.

Woensdag ben ik naar enkele musea geweest. Popol Vuh - zowat de bijbel voor de Maya's, waarin ze de schepping van de mens uitbeelden - is ook de naam van een museum dat de geschiedenis van de Maya-cultuur tentoonspreid aan de hand van allerlei voorwerpen gevonden op sites. Ik ben ook naar het museum van traditionele klederdracht geweest, daar zie je dat de huidige traditionele kledij sterke Spaanse invloed bevat... In de namiddag ben ik naar een optreden van het ballet geweest en 's avonds had het ballet een welkomstfeest voor me voorbereid, met lekkere tamal (typische maaltijd op basis van maïs) en vooral veel wijn en Mexicaans bier. Ik woon vlakbij de nationale brouwerij, dus Gallo kon moeilijk op het menu ontbreken...

Donderdag heeft een vriendin van de familie me rondgeleid in het centrum en ben ik naar de les van het ballet geweest. 's Avonds mocht ik met de directrice mee naar een koorfestival in het Palacio Nacional en "vamos a chupar" klonk meer dan één keer (oftewel: waar is dat bier). En niet door de minste nationale componisten.

Vandaag vertrek ik naar Lago de Atitlán, een meer omgeven door Maya-dorpjes en zondag treedt het ballet op in het Teatro met een show die ik nog niet gezien heb. Volgende week staat Antigua op het programma, waarschijnlijk maandag.

zondag, september 24, 2006

Chiapas en Tikal

De laatste nacht in Guadalajara heb ik doorgebracht op de "rancho" van Leo, in Tonalá. Hij woont daar met zijn ouders en enkele broers, heeft daar zijn familiebedrijf (prachtige Mexicaanse meubels) en een klein tuintje met fruit, groenten, kippen, eenden en twee geiten. Dinsdag moest ik vroeg vertrekken naar de luchthaven en ik had geen enkel probleem met mijn vlucht. Tegen de middag was ik in San Cristóbal de las Casas, het leek wel een toeristische trekpleister. Met reden, want er valt veel koloniale pracht te zien.
De volgende ochtend vertrok ik om 7u voor een driedaagse jungletocht. Na een bezoek aan de watervallen van Misol-Ha en Agua Azul ging het richting Lacanjá Chansayab, een inheemse gemeenschap van Maya Lacandones, de laatste indígenas die veroverd werden door de Spanjaarden. Diep verscholen in het regenwoud sliep ik in een hutje tegen de rivierbedding en met allerlei insectengeluiden op de achtergrond. De volgende dag bezocht ik Yaxchilán, enkel te bereiken met een klein bootje, vlak tegen de grens met Guatemala. De stilte van het regenwoud werd er doorbroken door een diep gebrul van apen. We hebben er gezien en we werden bekogeld met takken... Uit de verschillende hiërogliefen en muurschilderingen die overblijven blijkt hoe militaristisch de Maya's wel waren. Onderlinge oorlogen waren dan ook schering en inslag, alsook verschillende vormen van offering en zelfverminking. In de namiddag hebben we de jungle verkend, ploeterden we tot ons bovenlijf in rivieren, door modder en ten slotte in een waterval! Het leek beangstigend maar het gaf een kick, van tien meter naar beneden springen, vlakbij een waterval. De dag erna hebben we Palenque bezocht.

Nadien moest ik alleen verder en heb ik de boot naar Guatemala genomen. In Bethel moest ik de chicken bus op richting Flores (zonder kippen deze keer), een stadje op een eiland in het midden van een meer. Zondag moest ik vroeg uit mijn bed om de zonsopgang in Tikal te beleven. Veel zon hebben we niet gezien, maar we hebben wel de ontwaking van de jungle meegemaakt, met apengebrul, vogelgefluit en allerlei geritsel. Zo direct neem ik de bus richting Guatemala City, waar ik me morgenvroeg vervoeg bij mijn Guatemalteekse "broer" Fernando.

maandag, september 18, 2006

Homo's en tequila

Na de schelle stem van een zingende travestiet riep iedereen in koor "Viva!". De onafhankelijkheidsdag in Mexico heb ik doorgebracht in een homobar, het is eens iets anders. Aangezien mijn ene Mexicaanse maat in Guadalajara op rancheros (stoere Mexicaanse binken) valt en de andere al negen jaar samenwoont met een mannelijke waterval, lag de keuze voor de hand. Guadalajara barste vrijdag uit zijn voegen en er was geen doorkomen aan. Iedereen, tot in het kleinste dorp, kwam op straat om de onafhankelijkheid van Mexico te vieren.

Donderdag heb ik volop van de tequila geproefd, toen ik met een aantal dansers de hacienda en distillerij van Cuervo bezocht. Koloniale weelde en een bende Noord-Amerikanen die op een privéfeestje uit de bol gingen. De rondleiding zelf was vlug gedaan, de soorten tequila die we onderweg te proeven kregen bleven langer hangen...

Ik ben juist terug van Guanajuato, een oude mijnstad in een vallei. De wegen waren vroeger de rivieren en riolen van de stad en lopen onder bruggen en huizen door. De kleurrijke gebouwen behelzen de hellingen van de bergen en dreigen voorover te vallen. Zaterdagavond vergezelde ik met mijn Mexicaanse vrienden enkele mariachi's bij hun tocht langs de smalle stegen, waaronder de callejón del beso, waar twee geliefden elkaar over het balkon heen kunnen kussen vermits de steeg zo nauw is.

Dinsdag hoop ik naar Chiapas te vertrekken. Mijn vliegticket is nog niet in orde, de Mexicaanse wet der traagheid bewijst zijn toepasselijkheid. Dus we zien wel waar ik in dit land verder beland...

woensdag, september 13, 2006

Mexicaanse vaderlandsliefde

Mexicaanse vlaggen op straathoeken, op autobumpers, op overheidsgebouwen... Mexico verkeert dezer dagen in een extase van patriottisme. Zaterdag 15 september is de dag van de "grito", waarmee de onafhankelijkheid van Mexico gevierd wordt. "Viva México!" roept de president dan vanop zijn balkon over de zócalo, het centrale plein in Mexico DF. Dat plein wordt nog steeds ingenomen door demonstranten die de linkse presidentskandidaat steunen. Ondanks zijn verlies blijft Obrador hardnekkig vasthouden aan de overwinning. Heel de hoofdweg, de Paseo de Reforma, is afgesloten met tenten en spandoeken. Mijn verblijf in de hoofdstad van Mexico kreeg daardoor een extra dimensie. Na een bezoek aan de site van Teotihuacán en het antropologisch museum kon een bezoek aan de "plantón" (de bezette pleinen en straten) daarom ook niet uitblijven.

Na drie dagen Mexico City, waar ik werd opgevangen door Gerardo en zijn familie, heb ik de bus naar Guadalajara genomen. Langs bergen en meren, het uitzicht was indrukwekkend. Na acht uur rijden kwam ik aan in Guadalajara, waar ik nu verblijf bij Roberto en zijn familie. Ze wonen niet in het centrum van Guadalajara maar in Zapopan, een half uur rijden van het centrum. De eerste dag was een weerzien met vele mensen en een eerste kennismaking met het historisch centrum van de stad. De eerste avond kon tequila niet ontbreken, noch de mariachi's. Ondertussen heb ik al een bezoek gebracht aan het centrum van Zapopan (gekend om het beeld van de heilige maagd in zijn prachtige kerk), Tlaquepaque en Tonalá (gekend om hun artesanías) en het meer van Chapala. Vandaag gaat het richting zoo, van waaruit er een prachtige uitzicht op een nabijgelegen canyon is.

Het eten is gevarieerd en enorm lekker, maar ik moet oppassen met de verschillende chilisauzen, want dat komt overal in voor, zelfs op het fruit. "Je went er wel aan," sussen mijn Mexicaanse vrienden dan. En het weer? Zoals de chili zeer gevarieerd: af en toe een fikse regenbui (tot hagel toe in de hoofdstad) die de straten omtovert tot rivieren, maar tot hiertoe overwegend zonnig met temperaturen tussen de 20 en 30 graden.